Blogs in september 2017

Zoenen

Mijn lippen zijn nog zachtjes opgezet van het zoenen als ik het huis binnensluip. Een traag kloppen die de nachtelijke terugreis mij niet heeft kunnen afnemen. Het zal zo’n veertien jaar geleden zijn dat ik voor het eerst zo’n gretig verslindende tong mijn mond binnenliet. Toen smaakte het nabranden me niet half zo zoet. Het was niet ongewenst, maar ook niet om over naar huis te schrijven. Nog een keertje gezoen, dat hoefde voor mij niet. Het verging de kus als blauwe kaas, kwetsbaarheid en schrijven; herhaling baart kunst. Zulke heerlijke broeiende kunst dat ik bijna terugsluip, de regen in.

Naar blog

Najaar

het najaar legt haar loper: in dieprood en stofgoud lonkt ze met verhalen, over bladeren van koper een wind vol zoethout, een lucht van lichtstralen, over hoe zachte zon met haar vurige strepen, nog altijd kan verwarmen, en iets over een herfststorm, onder een donzen deken, in jouw kalme armen.

Naar blog

Weekend

Mijn armen zijn tot bloedens toe open en mijn ogen weer dik, omdat de eczeem en de kriebelende oogleden, ineens als bij toverslag verdwenen, in vol ornaat terugkeerde zodra ik Griekenland verliet. Toch psychosomatisch dus, of er hangt hier in mijn kikkerlandje iets giftigs in de lucht. Het was, linksom of rechtsom een razende week op alle fronten. Mijn werk, mijn twee blogs, mijn toneel en mijn hobbies, alle radars draaiden op volle toeren terwijl ik eigenlijk nog stilstond. En net toen ik een tandje bijzette, viel het uurwerk stil. Het is weekend. En ik heb, goddank, helemaal niets gepland.

Naar blog

Korte zomer

Een week geleden had ik mijn voeten in zout water en liet alle gedachten en emoties wegdrijven over zee. Vandaag zijn de hoge kantoorflatten rond Amsterdam Zuid met dreigend donkere wolken versluierd en valt de regen in een ongenadige stroom. Ik ruik doodsangst in mijn kleren. Niet omdat ik dood zal gaan, juist omdat ik ga leven. Ik ben onderweg een zware tekst voor te dragen. Ik ken elk woord, maar de emotie die erbij hoort slaat mijn kortetermijngeheugen vaak dicht. Denken, voelen, angst. En toch, als ik er sta, ben ik weer eens liever hier, dan op dat strand.

Naar blog

Geiten

  Claudia de Breij schreef het boek ‘neem een geit’. Een man had een vol en vies huis, hij vroeg om raad. Hij moest een geit nemen. De man kwam radeloos terug dat het nog voller en viezer was. Hij moest de geit weg doen. Het huis bleek een oase van rust. Dat is een wijze metafoor; zoek je virtuele geiten, doe ze weg. Letterlijk gezien kan ik het er niet mee eens zijn. Alle dieren bieden rust, maar geiten oogsten zoveel effect dat ik er serieus over nadenk geitentherapie te starten. Mijn advies: neem een geit. En hou hem […]

Naar blog

Bedriegerssyndroom

Ik ben een bedrieger. Of beter gezegd, ik lieg mezelf voor dat ik een bedrieger ben. Ik heb last van het impostor syndrome. Hoewel ik weet dat het alleen in mijn hoofd zit, kan ik na zes jaren werkzaam leven nog steeds niet geloven dat ik het salaris dat elke maand mijn rekening op wordt gestort, daadwerkelijk verdiend heb. Ik ga elke dag naar mijn kantoor. Ik knutsel wat af, doe wat dingen wel, andere dingen niet, verzin wat oplossingen, mis een hoop structuur, draag bij aan een chaos of draag daartegenin. Mijn onderbuik vertelt me dat wat ik krijg […]

Naar blog

Sorry

Ik lach nog na van een gesprek, mijn collega loopt mijn kant uit. ‘Sorry,’ zeg ik als ik haar per ongeluk aan kijk. ‘Waarvoor sorry?’ vraagt ze. Ja waarvoor? Nog geen uur later overkomt het me weer. In een overleg komt iemand binnen. Na het afronden verontschuldig ik me. “Nee geen sorry,” neem ik terug. “Jij kwam binnenvallen.” Ik heb duidelijk last van de aloude neiging om me tussen de gordijnen te verbergen. Ik sta op het punt mezelf daar een standje om te geven, zo’n zelfcriticus werkt altijd averechts. Onderbreek dan die gedachtenspiraal. Er is niets mis met introvert.

Naar blog

Herfst

Toen ik vanochtend het pad opliep bleek de wereld van kleur verschoten. Blozend hingen de bladeren aan hun al bleke steeltjes. Ze veranderen voor de laatste keer in de prille meisjes van weleer. Nu niet meer grasgroen maar met gele rokken en roze wangen, draaien ze rondjes om de stoere boomtakken, die gegroefd en onaangedaan meebuigen met ‘s winds ademstoot. Het licht dat met de paren speelt heeft nog een frisse oogopslag, maar het amber schijnt er al doorheen. Ik ben opnieuw verrast door het getijde van naderende dood, door haar verschrikkelijke levenskracht. Zij die sterven gaan, dansen nog eens.

Naar blog

Herfstblad

Op het terras hangen loom hangmatten, een vuur wordt opgestookt in een haard. Een vrouw rijdt haar moeder in rolstoel naar een plekje. Een jongen komt er bij, geeft oma een kus. De cappuccino heeft een herfstblad op zijn schuim. Een donker gezin praat met veel blikkerende tanden van het lachen. ‘Ik ben de baas van hun!’ zegt een jongetje van een jaar of vijf over grut dat nog wat jonger is. Pap zegt laconiek ‘dan ga ik wandelen, let jij op hen?’. Nee, zo’n baas wil het jongetje toch niet zijn. Ik nip van mijn herfstblad. Alles is veilig. […]

Naar blog

Liefdesverslaving

We hadden kaarten voor muziektheater in Rotterdam. Een stuk over genderfluïditeit. Het was ons toch wat te hoog gegrepen, we lagen allebei met buikpijn op de bank. Ze kijkt GTST om haar zinnen te verzetten, ik lees een zelfhulpboek over liefdesverslaving. Sinds ik een e-readerabonnement heb lees ik alles wat los en vast zit. Het boek vertelt me niets dat ik niet al wist, tijdens het hoofdstuk spiritualiteit geeft mijn brein het op. Ik voorzie de pratende mensen op haar scherm van commentaar. We lachen de avond weg. Heel spiritueel is het allemaal niet, maar een beetje verslaving mag best.

Naar blog

Kinderallergie

‘We hebben een heel lief kind bij ons’, zeggen de vrouwen in het vliegtuig tegen de passagier die voor hen moet opstaan. Het lieve kind mag op schoot in de stoel achter me. Ze huilt niet, wel schreeuwt ze af en toe iets heel liefs, zoals ‘Hallo’. Ook klimt ze graag boven de stoel uit om mijn aandacht te vangen, of trapt ze met twee benen in mijn rug. Na het gezin zoekt de stewardess een plek voor een vrouw met een kattenmand. ‘Niet hier, ik ben heel allergisch,’ zegt de passagier luid achter me. Ik hoor moederlief een opmerking […]

Naar blog

Arrival

Op Schiphol zie ik haar al aan de andere kant van het glas staan. Zo dichtbij, maar een raam tussen onze handen, monden. Het is misschien precies dichtbij genoeg. Mijn hart slaat twintig slagen boven haar normale achtbaansnelheid. De koffer laat op zich wachten, en wachten. Als ik hem van de band heb gevist storm ik naar… ja waar? De uitgang laat zich moeilijk grijpen, maar uiteindelijk ben ik daar. We kussen elkaar. ‘Mag ik meedoen?’ vraagt een man achter ons. Ik roep ‘nee’ en daar gaan we, met de trein naar nog zo’n onstuimige begroeting van huishomo en kat. […]

Naar blog

Laatste liefdesspel

De laatste ochtend op mijn Griekse eiland, ik neem afscheid van het duizelende vergezicht. De zon glittert over de uitgestrekte zee. Ik heb er geen ander woord voor, al doet deze me een beetje giechelen. Vriendinnen van me gebruikten het woord ‘glitteren’ als codewoord voor een orale seksuele handeling. Ik kan er nu niet aan denken zonder liefkozingen te zien. Een paringsdans die de zon inderdaad lijkt uit te voeren met zijn zouten minnares. Een eindeloos traag, uren durend liefdesspel waar ik mijn ogen niet vanaf kan houden. Het is absoluut de meest zinnenstrelende porno die ik ooit heb gezien.

Naar blog

Golfslagbad

Vandaag is de zee wild. Er staat een flinke wind die zorgt dat we niet onder de parasollen hoeven. De lucht is van het blauw dat Nederlandse warme dagen hebben; niet azuur maar lichttroebel plastic. Er is verandering op komst. We springen door golven alsof we in een wildwaterbaan zitten en trekken ons niets van de naderende bedrukking aan. Een reisgenoot zegt tegen een andere; ‘zullen we nog even in dat ene straatje dat dingetje halen dat we daar gezien hebben?’ De ander begrijpt het. Morgen vliegen we terug. In Nederland verschijnt, heb ik gehoord, tegelijk met ons de najaarszon.

Naar blog

Strandvuur

Gewoon even bij een strandvuur aan zee. De zon gaat onder en het is nog steeds 28 graden. Jij bent er niet en het voelt niet vreselijk, als een scheur in mijn middenrif. Het voelt als den schaafwond, dat geef ik toe, maar niet iets dat mijn levenslust ontkent. Ik lig bij een strandvuur onder de sterren. En alles is nog steeds scherp ondanks dat je daar niet bent. Ik tast wat af en je komt nog altijd binnen. Ik app je soms wat wanhopige zinnen. En jij appt terug dat je bij me bent. Was het altijd zo eenvoudig? […]

Naar blog

Zandlandschap

Ik kijk naar het zandlandschap van mijn onderbenen, de kastelen die verrijzen op mijn buik. Af en toe glipt er een golf korrels mijn billen op of verzamelt zich een kluwe ministenen in mijn navel en liezen. Een snelle blik opzij leert dat ik hierin de enige ben. Glad, bruin en zandvrij liggen mijn reisgenoten op hun handdoek. Het is me een raadsel hoe ze dat redden. Ik ben uiterst magnetisch voor zand, denk ik, ik kan niet bewegen zonder dat alles blijft kleven. Ik kan daar dramatisch over doen maar ach. Ik lig op een strand in de zon.

Naar blog

Drag King Show

Het lesbisch festival is eigenlijk een luie zonvakantie, waar toevallig alleen lesbische vrouwen je medestrandgenoten zijn. Af en toe worden de dagen opgeluisterd door een optionele lesbische show of een strandfeest, vaak opvallend kneuterig en slecht georganiseerd. De grote uitzondering is de Drag King verkiezing. Hoewel enkele van de mededingers voor het eerst als man gekleed een podium betreden, zijn de performances, licht en geluid, en al het geglim en geschitter, uiterst onGrieks professioneel. Drag is een serieuze kunstvorm die steeds vaker de aandacht krijgt die hij verdient. Ook in dit verder zo trage Griekse hippiedorp bevinden zich echte kunstenaars.

Naar blog

Boottocht

De plaatselijke eigenaar van de winkel met duikbrillen en flippers, tevens zoon van de eigenaar van ons appartementencomplex, neemt ons mee voor een tocht over zee met zijn speedboot. Pap houdt zolang de winkel in de gaten. De Griek beschrijft de bochten in het landschap, het strandje waar ze vroeger eens de nacht doorbrachten, de rots waar in de winter het water overheenslaat. Het land is mooi, zijn liefde voor elke groef ervan is mooier. Ik zou veel overhebben om zo geworteld te zijn. Maar vijftien uur per zonnige dag in een winkel met parasols staan hoort daar niet bij.

Naar blog