Blogs in februari 2019

Treinsnelheid

Ik probeer een paar radioverzoeken af te werken in de trein naar de tandarts. Een slecht idee, de angst slaat me elk mailtje weer opnieuw om het hart. ‘Ik haat de tandarts’, denk ik. Dat is niet helemaal eerlijk. Ik heb een hele leuke tandarts. Wat ik denk ik echt haat is een paniekaanval. Die ik al heb omdat ik naar de tandarts ga, in stand wordt gehouden door de mailtjes. Ik wil niet in deze trein zitten, op deze prachtige morgen, en ik wil geen radio-optredens plannen en ik wil vooral niet hyperventileren. En ik doe het allemaal toch.

Naar blog

Varken

Het is maar even fietsen, toch vind ik het een mopperbare afstand. ‘Je bent altijd blij als je gegaan bent,’ denk ik, dus ik ga. De moestuintjes staan er wat verlaten bij, bij de houtsnijderij kijkt een gigantisch houten paardenhoofd me aan. Op het terras zitten drie volwassenen, zes kinderen skelteren in het rond. De varkenskooi is verstopt naast de bijenkorven. Ik krab een mevrouw over haar stugge, schilferende huid. Binnen een paar minuten laat ze zich vallen, de pootjes trekken samen onder gegrom. Als ik een heel goed plekje aai steunt ze ongegeneerd. Net een kat, of mens, eigenlijk.

Naar blog

BBN’er

Het is een klein anderhalf uur reizen naar de radiostudio. Verrassing is dat de koffie daar best lekker is, er stagiaires zijn om ons op te vangen en zowel de redacteur als de presentatrice het boek goed genoeg gelezen of gescand hebben om er echt iets over te kunnen zeggen. Het is niet alsof dat niet normaal hoort te zijn, ik had het gewoon niet verwacht. Mijn gezwete peentjes en doperwtjes hoeven geen verrassing te zijn, maar we hebben er gezeten en het toch maar mooi gedaan. Nu ben ik een echte BBN’er. Waarbij de eerste B staat voor ‘bijna’.

Naar blog

Stress

Een workshop over werkstress raakt mijn eeuwige stressbron: ik ben nogal bang voor nieuwe mensen of in nieuwe sociale situaties. Iets waar ik tegenaan blijf lopen, hoe ver ik me ook terug probeer te trekken in de meer theoretische en ICT-hoek. Ik hou niet van beheer, wel van innovatie, en innovatie kan tot op zekere hoogte achter een scherm op een zolderkamer, maar op een dag moet er worden genetwerkt. De ideeën moeten aan de man of vrouw gebracht, er moet vergaderd en bijgeslepen, soms zit je ineens in een workshop over werkstress. Gelukkig ben ik gek op mijn baan. […]

Naar blog

Ruzie

Vroeger had ik veel ruzie in mijn relaties, nu niet zo vaak. Maar vannacht was het raak. Het was kort, er werden geen borden gesmeten of mensen geslagen, wel was ik een minuut of vijf letterlijk aan het zieden van woede. Ik had graag verteld waarom, maar in emotionele toestanden grijp ik terug naar mijn moedertaal: ik kan alleen miauwen. En nu weet ik het eigenlijk niet meer precies. Globaal wel, want woede en tranen en harde woorden en uithalen en een hoop gemiauw, het gaat al die jaren altijd om hetzelfde. ‘Laat me dichtbij, want ik hou van jou’.

Naar blog

Voorjaarsmoeheid

Het is dat rare moment in het vroege voorjaar dat het licht verlengd is, ik op mijn balkon kan zitten, maar al moe word van een tripje naar de supermarkt. Terwijl mijn hoofd nadenkt over werkdagen met lunchtripjes en avonden in het park gevolgd door een wandeling door de nog zwoele lucht en wellicht een drankje of zelfs een club, om de volgende dag weer vrolijk op te staan, wil mijn lichaam geen honderd meter aan lucht verplaatsen. Misschien is dat voorjaarsmoeheid; niet trager dan de winter, maar de frustratie dat de lente begonnen is en ik stil blijf staan.

Naar blog

Warme-zonder-truien-dag

Het is vandaag warmetruiendag. De kachel ging op diverse werkplekken een graadje lager met het idee dat er om warm te blijven dikke kabeltruien aan konden worden gedaan. Een jaar geleden zaten we nu in de uitlopers van de Siberische wolf of Russische beer en waren er drie fleecetruien nodig. Vandaag kon ik mijn winterjas thuislaten. Mijn lange mouwen en legging ook. Het was meer zomer dan een gemiddelde augustusdag, ik kwam thuis met rode konen en een nog witte maar zongebrande tintelende huid. Hopelijk laat het hoge Noorden zijn monsterlijke dieren ook de rest van deze maand lekker thuis.

Naar blog

Ongelooflijk

Er was iets van dageraad toen ik op het onchristelijke of onmozese of ongoddelijke tijdstip van half 8 mijn trein betrad. Toen ik er rond half negen uitklom was de lucht een onwerkelijk blauw en glom de zon net boven de daken uit. In onfebruarische overmoed haalde ik een cappuccino onderweg, alsof ik de wereld niet zat was, en bulderde een zacht ‘ongelooflijk’ uit. In me ontvouwde iets, iets van hoop, iets van macht, iets van belofte, iets van zin in wat er voor me lag. Iets waarvan ik elk jaar het bestaan vergeet en toch altijd, onstuitbaar, weer ontwaakt.

Naar blog

Ik kijk geen wie is de mol

Ik ben een van die mensen die ‘wie is de mol’ niet kijkt. Ik heb her en der een stukje gezien en hier en daar een finale, genoeg om het programma te begrijpen. Ook genoeg om te weten dat ik me zou kunnen laten meeslepen. Maar die tijdsinvestering is het me niet waard. Het is als het kijken of spelen van een gezelschapsspel. Daar hou ik me het liefst ook ver vandaan. Goede tv kan ik met een half oog volgen, een week missen, ineens bingen en er altijd om huilen. Vooral dat huilen kan ik met de mol niet.

Naar blog

Over de liefde

Ik was ongeveer zeven toen ik vond dat de prins op het witte paard moest verschijnen. Hij zou me kunnen afschermen van de prikkels in het leven, naar me luisteren als ik verdrietig was, me altijd begrijpen. Hij zou de schreeuw in me horen en beantwoorden, de leegte voelen en invullen. Ik was negen toen ik besefte dat ik het paard niet wilde, elf toen ik besefte dat ik geen jongen wilde. Het kostte me mijn halve leven om te beseffen dat ik de rest niet vragen kon. En op sommige dagen heb ik het daar nog steeds moeilijk mee.

Naar blog

Bucketlist

‘Wat staat er op je bucketlist?’ vroeg de man tijdens een eerdere sollicitatie me. Hij maakte er een sport van het me ongemakkelijk te maken, onder het mom van testen of ik in het team paste. Ik bracht het er goed vanaf, als je mijn toen zeer recente scheiding, zware depressie, heftige angsten meerekende. Ik heb ergere sollicitaties meegemaakt, ik ben harder gestruikeld. Ik kreeg de baan, ik wilde niet. Ik denk dat die bucketlist een rol speelde. Met een felheid een doel nastreven maakt je blind voor alternatieve wegen. In een team mensen met een bucketlist pas ik niet.

Naar blog

Het mens achter de labels

Maandag 28 januari stond dit mooie, fantastische, helemaal geweldige boek op bol.com met ‘verwachte leveringstijd: maandag 28 januari’. Dat werd al snel 29, 30, 31, en 1 februari. Toen zou hij er 4 februari echt zijn. En: dat was hij! Alleen ergens tegen drie uur in de middag verdween het boek uit de bestelsystemen. De 5e verscheen hij weer, en nu ligt hij ook echt op deurmatten. Hopelijk was dit het aller-, allerlaatste probleem van ons probleemkind. Oh en het is dus een mooi, fantastisch, helemaal geweldig boek, dat jullie allemaal kunnen aanschaffen, onder anderen ook op bol.com.

Naar blog

Relatietherapie

‘Ik wil relatietherapie’ zeg ik. Dat klinkt anders dan ik het bedoel. Ik heb meerdere therapieën gevolgd, ze hielpen me uit de depressies, uit angst, zelfs uit te diep binnenlaten of te ver buiten houden van mensen. Maar ik wil altijd al in relatietherapie. Niet omdat ik denk dat er iets mis is aan de systemen waarin ik leef, familie, vrienden, geliefde. Maar omdat er iets in mij dwars ligt zodra ik in het systeem kom. Want anderen kunnen me vasthouden tot ik geen pijn meer heb, me liefhebben tot er geen weerwoord meer is. Maar functioneren doe ik niet.

Naar blog

Huifkar

Ik beschouw mijn leven als een wilde huifkar-rit. Meestal blijf ik zitten. Dan heb ik van die periodes dat ik er continu af val en me weer de wagen op hijs. Tot ik niet meer kan. Om het toch weer te doen. Vaak komt het besef dat ik beter kan leren het paard te mennen. Maar ja, er zit een element van onvoorspelbaarheid in dat beest en er zijn maar weinig mensen met tips die relevant zijn voor mijn specifieke wildebras. Dus ga ik weer zitten, met samengeknepen billen, en hoop dat ik niet vergeet te genieten van de rit.

Naar blog

Koppensnellen

Toen ik jong was vond ‘men’ dat er te weinig werd nagedacht over de maatschappij. Er waren niet genoeg mensen die een kritisch tegengeluid gaven, een andere mening dan die de gekozen krant of het verkozen televisiekanaal voorschotelde. De informatiedichtheid is sindsdien gigantisch gegroeid, maar ons vermogen de informatie op te nemen lijkt naar beneden te gaan. Er is geen tijd meer voor de nuance, we zien alleen de koppen nog. We hebben een mening voordat we die van de ander opgenomen hebben. Er zijn veel mensen die een kritisch tegengeluid geven, en maar weinig die weten waartegen dan, precies.

Naar blog