Sereen

Aan de rand van de plas is een ligveld. We hangen met onze voeten in het water en bekijken de blauwe libellen. Een familie ganzen scharrelt over het madeliefbespikkelde gras. De kuikens komen op het kleed en geven ons in het water zo nu en dan een pedicure. De rust wordt alleen verstoord als er een boot door het sluisje heen wil. Dan klinkt er een bel voor de brugwachter. Het is belachelijk sereen, tien minuten van een grote stad. Straks woon ik hier, aan deze plas. Zal elk vrij uur dan voelen als nu; alsof ik ineens vakantie had?

Dromen

Ik heb veel te lang gedroomd. Een kind hoort te dromen, al is het maar om de angst die elke dag om de hoek kijkt te weerstaan. Een reden te hebben om je door een volgende oppas, les, verandering heen te slepen. De immense verveling te bestrijden van nog een jaar kleuteren. Een kind moet dromen, al is het om te verzinnen waarom ze nu weer buiten haar ouders normen gaat. Om de leegte op te vullen van de ziel die dan al weet dat ze gespleten is, nooit vol meer raakt. Om de nachten zwetend wakkerliggend van een volgende vrouw te verklaren. Een kind …

Kinderallergie

‘We hebben een heel lief kind bij ons’, zeggen de vrouwen in het vliegtuig tegen de passagier die voor hen moet opstaan. Het lieve kind mag op schoot in de stoel achter me. Ze huilt niet, wel schreeuwt ze af en toe iets heel liefs, zoals ‘Hallo’. Ook klimt ze graag boven de stoel uit om mijn aandacht te vangen, of trapt ze met twee benen in mijn rug. Na het gezin zoekt de stewardess een plek voor een vrouw met een kattenmand. ‘Niet hier, ik ben heel allergisch,’ zegt de passagier luid achter me. Ik hoor moederlief een opmerking maken tegen haar reisgenote. ‘Moeten …

Strandvuur

Gewoon even bij een strandvuur aan zee. De zon gaat onder en het is nog steeds 28 graden. Jij bent er niet en het voelt niet vreselijk, als een scheur in mijn middenrif. Het voelt als den schaafwond, dat geef ik toe, maar niet iets dat mijn levenslust ontkent. Ik lig bij een strandvuur onder de sterren. En alles is nog steeds scherp ondanks dat je daar niet bent. Ik tast wat af en je komt nog altijd binnen. Ik app je soms wat wanhopige zinnen. En jij appt terug dat je bij me bent. Was het altijd zo eenvoudig? Elke theorie die ik gelezen …

Leven in een droom

Ik zit aan een tafel aan de middellandse zee gewoon een beetje zen te zijn. De lucht kan niet blauwer, de zon niet stralender, het zand niet fijner en mijn karma niet schoner. Ik ben hier nu drie dagen en de traditionele zomerorkaan in mij was al op dag twee voorbij. Het najaar begint hier opnieuw met een hittegolf. Ik koel mijn lichaam in zee. Zoals de golven af en aan rollen, zo rollen mijn gedachten mee. Ik heb geen haast, ik hoef nergens meer naartoe. Ik loop niet urenlang met mijn ziel onder de arm, mijn meermalen herbroken en misheelde hart. Ik typ geen …

Seks is kwetsbaar

Ze slaat haar ogen neer. ‘Ik was zo bang voor seks. Niet om het doen. Maar omdat je erover schrijft en spreekt alsof je zoveel weet. Zoveel meer dan ik.’ Ik snap wat ze bedoelt. Seks. Ik heb er al duizenden woorden aan vuil gemaakt, en maar een paar honderd schoon. En dat terwijl er niets mooiers, pijnlijkers, wispelturigers, levendigers, lekkerders, dodelijkers is dan seks. Er zijn veel mannen en vrouwen met hoge woorden en plastische omschrijvingen van genot. Seks is lekker. Daar praten we met zijn allen over, op de borrel, in de kleedkamer, of in de media. Seks is een gemeengoed. Ik heb …

Het spel

Ik heb een spelende jeugd gehad. Klimmen in de bomen, een hooibaal als huis, verbergen in de lange graslanden, stoeien met de koeien, in het water vallen en schaatsen op natuurijs. Ik heb gespeeld alsof het het enige was wat er toe deed. Ik heb gerekend en getaald, ik heb uitgezonderd en -te weinig- gefaald, maar nooit zo geleefd als met de stank van een vlierboom in mijn neus, dat zachte merg, de takken die ik nu afbreek met een knip. Die boom. Dat was ik. En als je me vraagt of ik een smartphone had willen hebben, of internet, of spotify en blendle, dan …

Aantrekkelijk

Mijn haren staan in pieken overeind. Deels van de lak, deels van het zweet. Mijn lippen zijn afgekloven, met restjes stift her en der. Mijn ogen staan als twee onbereikbare, onberekenbare sterren in mijn gezicht. Ze stralen alsof er werelden zijn die om hen draaien, die zij hebben verlicht. Ik zit onder de eczeem en rode vlekken op mijn huid, geïrriteerde rimpels, overal. Ik lijk stoned, dronken, gek tegelijk en toch ben ik de mooiste ooit, de aantrekkelijkste, de koningin van het bal. Mijn lichaam en ik hebben een haat-liefde verhouding. Ik ben eigenlijk gewoon te dik. Toen ik dat niet was, was ik gewoon …

Verkeerde tijd

Het was de vorige zomer, ik stond op een strand en zag hoe klein angsten zijn als je er van een afstand naar kijkt. Ergens verschoof een grenssteen in de verte. Het was niet genoeg. Ik was gebroken. Alles schuurde aan het verlies dat ik had gehad, kortgeleden, langer geleden. Ik was te bang voor intimiteit om haar toe te laten. Ik noemde het twijfel. Zij gaf een ‘tot hier en niet verder’. Het deed me pijn. De woorden die ik niet kon spreken, de woede die ik niet kon uiten omdat ik verstijfd bezig was met niemand te zijn. De ons waarvoor niet gevochten …