Brandmerk

Het is zo ver. Met kloppend hart loop ik achter mijn vriendin aan naar de toonbank van de tattooshop. Een vrouw met veel te dunne wenkbrauwen en een piercing in haar neus kijkt mijn vriendin aan. Ze lijkt welwillend. Dan kijkt ze naar mij. Ik slik en bedenk me dat het wel eens de slechtste dag van mijn leven kan zijn. Ik sla mijn ogen neer. Er komt een geringschattende trek om haar mond. Je ziet het haar denken: ‘ze heeft niet eens gaatjes in haar oren.’

Dit is echt mijn eerste keer.

Ik ben wel eens meegeweest, en ik heb wel eens bloed gezien. Ik heb mensen zien flauwvallen en huilen in een piercingshop, en misselijk zien worden bij het zetten van een monstertattoo. Maar mijn huid is nog maagdelijk, nooit doorboort, nooit ingespoten. Nou ja, beiden is wel eens gebeurd, maar ik heb er nooit eerder voor betaald.

Niet dat ze mijn geld graag willen hebben.

De vrouw schreeuwt naar achter “Heb je tijd?” Een man schudt zijn hoofd. Hij is diep gebogen over een groot, lichaamssierend project. Ik weet nu al dat ik het niet mooi vind. Ik vind het wel fascinerend. Voor iemand met een zo intact lichaam is mijn interesse in lichaamsverminking bijzonder groot. Ik wilde er zelf nooit aan. Niet omdat ik het altijd lelijk vind. Ook niet omdat ik doodsbang ben voor de pijn. Nee ik wilde niet, omdat ik geen reden had het te willen.

Ik had niemand verloren die me dierbaar was.

Ik had geen herinnering aan een bijzondere plek. Ik stamde niet af van een uitgeroeide bevolkingsgroep. Ik had simpelweg niets dat genoeg passie inboezemde. Niets dat me dreef. Mijn vriendin heeft talloze gaten in haar lichaam en wilde altijd al een tattoo. Gewoon om de kick. Maar voor mij hoefde het niet.

Toch zijn we hier vanwege mij.

Mijn bibberen, schoorvoeten, en weigeren iemand aan te kijken doen anders vermoeden. Het feit dat mijn vriendin me praktisch naar binnen moest smeken ook. Maar dit is mijn idee. Zij is het eerste in mijn leven dat me genoeg passie inboezemt om zelf het initiatief te nemen een tattoo te laten zetten.

Om die drempel over te stappen.

Ik ga trouwen. En ik trouw voor altijd. Ringen hoef ik niet, maar een betere reden is er niet om die minitattoo op mijn rechterwijsvinger te zetten. Ook al haalt de tweede tattooist, die net zijn weekend wilde gaan vieren, zijn schouders er voor op. “Ik doe het wel even,” schreeuwt hij naar voor. Ik slik twee keer. Ik kan niet meer terug.

Dus ga ik eerst.

En ik heb nauwelijks tijd om adem te halen. Onze tattooist lijkt duidelijk zijn weekend niet te willen missen. Ook komt er een meisje belangstellend meekijken. Ze glimlacht minzaam. “Dat doet geen pijn,” zegt ze. Ik heb zin om haar af te katten, maar op dat moment daalt de naald in mijn vinger. Mijn vriendin knijpt in mijn andere hand en ik kijk verbaast naar de zwarte streep. Ik voel wel iets, maar verdomme, het doet écht geen pijn.

“Een beetje teleurstellend.”

Zeg ik als ik naar buiten loop. Mijn vriendin haalt haar wenkbrauwen op. “Ik bedoel niet dat hij vond dat we zo goedkope trouwringen hadden,” lach ik. “En ook niet dat hij ons wel eens zou kunnen leren hoe we van een man konden genieten.” Ik buig en strek mijn vinger twee keer, maar voel helemaal niets. “Ik had niet verwacht dat het zo’n kleine opoffering zou zijn,” zeg ik, een beetje bedremmeld.

Ze grinnikt en kust me.

“Niet zó klein,” zegt ze dan. En we zwijgen allebei. Ze heeft gelijk. Ze is mijn vriendin en vrouw, mijn sekspoes en mijn maatje. En nu is ze ook nog eens voor altijd in mijn huid geschetst.Dat is geen kleine stap. Maar het doet niet eens een klein beetje pijn. Sterker nog, nu ik er over nadenk voelt het ineens allemaal bijzonder aangenaam. We lopen hand in hand verder, en schuren onze pleisters dicht tegen elkaar.

Dit nog niet de mooiste dag van mijn leven, maar het komt akelig dichtbij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge