Dagboek  in precies 100 woorden.

Opgroeien

Ik eet met mijn lesbische vriendinnen in een biercafé met op dinsdag twee hoofdgerechten voor de prijs van een. Vroeger omdat we niet anders konden betalen, nu omdat we dat nou eenmaal doen. Hoofdonderwerpen van gesprek zijn hypotheken, contracten met vaders van toekomstige kinderen, banen burn- en bore-out, relaties.  Drie jaar geleden was ik net gescheiden en was deze vriendengroep van jolige nog-net studenten precies wat ik nodig had. En kijk me nu, een soort volwassen zitten zijn. Ze groeien op, zij die een ticket terug waren naar mijn geestelijke leeftijd. Ik groei mee. Deze keer beangstigt het me niet.

Read more

Verdriet verzachten

De duif heeft een late leg. Één donzen bolletje zit piepend op het balkon. Haar broertje redde het niet. Omwille van het kleine ding en de terroriserende moeder blijven we uit de buurt van het nest. We volgen de relatiecrisis van een buurtgenoot via een open raam. Het is een telefonische ruzie, dus we horen argumenten van één kant. Ze zijn overtuigend genoeg. Na een kwartier sluiten we het raam om de jongen en het kuiken alleen te laten bibberen. De enige eenzaamheid die we op dit moment kunnen verzachten is die van onszelf. En dat lukt ons al ternauwernood.

Read more

Geitjesliefde

Ik kom heus niet vaak op die geitenboerderij. Ik woon op loopafstand van het Amsterdamse bos, en zoals met alles waar je op loopafstand van woont, kom je er nooit. Maar vandaag zat ik in het hooi te wachten tot de geiten, afgeschrokken door talloze kinderen die melk door hun strot probeerden te dwingen, zich opstapelden in mijn rustige hoek. Zo werken dieren, en mensen misschien ook wel. Als je een beetje kalm jezelf zit te zijn willen ze tegen je aanschurken. Dit schootexemplaar wilde zelfs nog wel iets meer. Ik denk dat hij mijn blog van gisteren heeft gelezen.

Read more

Zoenen

Mijn lippen zijn nog zachtjes opgezet van het zoenen als ik het huis binnensluip. Een traag kloppen die de nachtelijke terugreis mij niet heeft kunnen afnemen. Het zal zo’n veertien jaar geleden zijn dat ik voor het eerst zo’n gretig verslindende tong mijn mond binnenliet. Toen smaakte het nabranden me niet half zo zoet. Het was niet ongewenst, maar ook niet om over naar huis te schrijven. Nog een keertje gezoen, dat hoefde voor mij niet. Het verging de kus als blauwe kaas, kwetsbaarheid en schrijven; herhaling baart kunst. Zulke heerlijke broeiende kunst dat ik bijna terugsluip, de regen in.

Read more

Weekend

Mijn armen zijn tot bloedens toe open en mijn ogen weer dik, omdat de eczeem en de kriebelende oogleden, ineens als bij toverslag verdwenen, in vol ornaat terugkeerde zodra ik Griekenland verliet. Toch psychosomatisch dus, of er hangt hier in mijn kikkerlandje iets giftigs in de lucht. Het was, linksom of rechtsom een razende week op alle fronten. Mijn werk, mijn twee blogs, mijn toneel en mijn hobbies, alle radars draaiden op volle toeren terwijl ik eigenlijk nog stilstond. En net toen ik een tandje bijzette, viel het uurwerk stil. Het is weekend. En ik heb, goddank, helemaal niets gepland.

Read more